Goedkoop is duurkoop

Het klinkt allemaal heel aantrekkelijk en ik kan mij de verleiding voorstellen, maar een mediator die u vertelt dat hij of zij voor €75,00/uur (excl.BTW) voor u werkt, brengt heel wat meer kostenposten met zich mee. En dan lopen uw kosten snel op.

*

Ik heb eens de proef op de som genomen en een aantal collega’s anoniem om een offerte gevraagd. Zij rekenden stuk voor stuk die €75,00/uur.

Toen ik doorvroeg over hoeveel ik in totaal kwijt zou zijn voor een scheidingsmediation, werd het plotseling een vaag verhaal. Maar in het kort gezegd kwam het hierop neer: Die €75,00/uur klopte precies. Dat wil zeggen: elke seconde die aan mijn kwestie werd besteed werd ook tegen dat bedrag gefactureerd.

Allerlei nevenwerkzaamheden, als nadenken over uw kwestie, overleg of een intercollegiaal consult, werden in rekening gebracht. Dat nadenken over de kwestie, niet nader gedefinieerd, werd ruimhartig gedeclareerd. Zou er gereisd moeten worden, dan tegen het volle uurtarief.

Tja, en dan waren er nog kosten die vooraf niet konden worden bepaald. Bovendien werden standaard 40 uren in rekening gebracht, want zoveel uren zouden er zeker in gaan zitten. Restitutie hierop was niet van toepassing.

Uiteindelijk betaalde men de 40 uren bij vooruitbetaling. En dan betaal je al gauw €3630,00 (inclusief BTW).

*

Toen ik aangaf nog even verder te willen kijken, kreeg ik een lading aan bezwaren daartegen over mij heen. Bovendien diende ik op te passen voor andere mediators. Die waren óf niet te vertrouwen óf niet deskundig genoeg, laat staan competent om mij bij te staan. Ik was dus gewaarschuwd en deed er beter aan niet verder te kijken.

Tja….een gewaarschuwd mens telt voor twee. Ik bedankte de vijf mediators die ik had benaderd vriendelijk en haakte af. Mediators die zich zo profileren, daar heb ik moeite mee, ook al doe ik nu min of meer hetzelfde.

Er is echter één groot verschil: ik kraak mijn collega’s niet af op hun kwaliteit of competenties. Ik stel hun gedrag tegenover cliënten en collega’s aan de orde. Die vind ik laakbaar.

*

Nou, ik kan u vertellen dat een dergelijk bedrag bij mij niet zo snel op tafel hoeft te worden gebracht. Ik reken per uur een hoger tarief, wat nog altijd onder het marktconforme uurtarief ligt, namelijk €140,00 (excl.BTW), en reken alleen de daadwerkelijk gewerkte uren (soms niet eens alle). Bovendien reis ik vaak gratis of tegen een gereduceerd tarief. En daarmee zijn de kosten doorgaans tussen de €2750,00 en €3500,00 (inclusief BTW). En reken maar dat u dit een flinke slok op een borrel scheelt.

Meer weten: kijk op http://www.concies.nl of bel naar 0621203655.

*

Copyright©️oncies 2019

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Een kwakzalver of toch liever een professional voor uw mediation?

Het is de laatste jaren in om jezelf coach of mediator te noemen, en dat terwijl het grootste deel van deze mensen niet eens weet wat dit met zich meebrengt, laat staan dat deze mensen weten wat het vak van coach of mediator inhoudt. Deze mensen beschadigen het beroep van de ware professioneel opgeleide coaches en mediators.

*

In de tijd dat ik nog volop werkzaam was in het MBO-, HBO- en masteronderwijs ben ik onder meer opgeleid tot loopbaancoach. Daarnaast was ik werkzaam als coach voor de studenten. Ik zou mij dus kunnen aanbieden als loopbaancoach/coach. Maar dat doe ik niet. Ik beschik niet over de middelen en materialen die nodig zijn om het vak naar behoren invulling te geven. Met die middelen en materialen bedoel ik allerlei testen en onderzoeksmethoden om te kunnen bepalen waar de interesses van mijn cliënten liggen, in welk vakgebied zij zich het beste kunnen begeven. Ik wil ze ook niet aanschaffen, dus ik acht dat ik onvoldoende bagage heb om mijn cliënten naar behoren te bedienen. Dit in tegenstelling tot heel veel sjacheraars en kwakzalvers.

Waar ik mij wel in bevind, is het terrein van de mediators. Ik voer mediations uit op het gebied van familiezaken, relaties en arbeidszaken. Daarin ben ik opgeleid en heb ik zelfs een master-degree. Bovendien ben ik competent op het gebied van de DSM5. Ik ben daardoor gespecialiseerd in het gebied van de autismespectrumstoornissen (autisme, ADHD, ADD en PDD-NOS, bijvoorbeeld). Ook in het spectrum van de psychiatrische- en neurologische aandoeningen ben ik gespecialiseerd. Ik breng daarmee extra bagage mee.

Ik acht mijzelf bevoegd en bekwaam op het gebied van mediation en ben ook Registermediator bij de Mediatorsfederatie Nederland, dé koepelorganisatie voor de professioneel opgeleide en werkende mediators in Nederland. Deze organisatie waakt over de kwaliteit van de aangesloten mediators en is door de overheid erkend. Toen een minister ooit van Justitie nog gewoon in de Tweede Kamer zat, heeft hij een wetsvoorstel ingediend, waarin een grotere rol voor mediation is opgenomen bij scheidingen en conflicten. De mediators die deze zaken mogen behandelen zijn officiële MfN-Registermediators.

Registermediators van de Mediatorsfederatie Nederland dienen aan tal van kwaliteitseisen te voldoen en investeren jaarlijks vele euro’s in het actualiseren van hun kennis in hun beroep, de Permanente Eductie-eisen die de MfN aan hen stelt. Registermediators voeren jaarlijks tenminste 12 mediations uit en hebben een professionele praktijk die hen in stelt staat om hun vak adequaat uit te voeren. Uw mediations zijn bij hen in goede handen.

Maar, daarmee bent u er nog niet. Ook MfN-Registermediators schieten onder hun eigen duiven. Met name in de wijze waarop zij de kosten aan u berekenen. Daar kom ik in mijn volgende blog op terug.

*

Wanneer u dus een mediator zoekt, dan doet u er goed aan te controleren of deze mediator een lekker en goedkoper snabbelende mediator/amateur is of een erkende, die dan wel iets meer kost. Een amateur-mediator mag zich ook geen MfN-Registermediator noemen, zelfs geen MfN-mediator. Van de professionele Registermediator mag u iets verwachten voor uw geld, van die kwakzalver niets. U kunt zich op niets beroepen wanneer het fout gaat bij die amateur, dat kan juist wel bij de MfN-Registermediator. Het is maar dat u het weet.


Copyright©oncies 2019

Geplaatst in A-sociaal, ADHD, Afslachten, Agressie, Alcoholproblemen, Algemene voorwaarden, Alimentatie, Alledaags, Alzheimer, Angst, Angstcultuur, ANWB, arbeidsbemiddeling, arbeidsconflict, Arbeidsjuridisch, Arbeidsmediation, Arbeidsomstandigheden, Arbeidsovereenkomst, Arbeidsrecht, Arbeidsrisico's, Arbeidsvoorwaarden, Arbowet, Asperger, ASS, Autisme, Bedreiging, Belangen, Belangenbehartiging, Belastingdienst, Bemiddeling, Bestuurskunde, Bezorgdheid, Bindingsangst, BJZ, Boosheid, Burenruzie, Buurtbemiddeling, Co-ouderschap, Collegialiteit, Combinatiekorting, Compensatie, Competenties, Complexe echtscheiding, Complexe scheiding, conflict, convenant, Dementie, Depressiviteit, Diagnose, Discriminatie, DSM-5, echtscheiding, Eed tot geheimhoudingsplicht, Eenoudergezin, Escalatie, Euthanasie, Expertise, Familieconflict, Familieleed, Familiezaken, Gedragsproblemen, Geloofsovertuiging, gemeentebeleid, Geregistreerd partnerschap, Geweld, Geweldloos, Gezin, gezondheidszorg, Homofoob, Huiselijk geweld, Huntington, Huwelijk, Informatief, Informatieplicht, Inkomensafhankelijk toeslag, Inspanningsverplichting, Integriteit, Internetgeneratie, Intimidatie, Intimiteit, Islam, Jeugdbescherming, Jeugdzorg, Juridisch, kinderbelangen, Kinderen, Kindgebonden budget, Kwaliteit van leven, Kwaliteit van zorg, maatwerk, Machtsmisbruik, Mantelzorg, Marokkaanse kwestie, Marokkanen, Mediation, Medisch handelen, ministerie, Moord, Moslims, Obsessief gedrag, Onderhandelingen, Ondernemer, onderwijs, Ontslag, Oorlog, Oorlogsgeweld, Ouderen, Ouderenzorg, Ouders, ouderschapsplan, overheidsbeleid, Overlast, Overtuigingen, Participatiesamenleving, Passief geweld, Pensioen, pesten, Politie, politiek, Principieel onderhandelen, privacy, Puberteit, publicaties, Raad van State, Radicalisering, Rechtsbijstandverzekering, Rechtsstaat, Relatiebemiddeling, Relatieproblemen, Relatietherapie, Religie, Repressie, Respect, Respectloosheid, Rooms Katholieke Kerk, Rouwproces, Rugzakje, Samengesteld gezin, Scheiden, scheiding, Schoolresultaten, Schulden, Seks, Seksueel misbruik, Slaapritme, Slapen, Slavenarbeid, Sociaal Juridische Dienstverlening, Sociaal lijden, Sociale media, Spraakmakend, Standpunten, Therapie, Thuis, Toekomst, Trouwen, Uitkeringen, Uncategorized, UWV, Vaststellingsovereenkomst, vechtscheiding, Verlatingsangst, Verslaving, Verzekeringen, vreemdgaan, Vrijwilligerswerk, Vrouwenrechten, Waarden en normen, Wajong, Wanbeleid, Wanprestatie, Werkeloos, Werkgever, Werknemer, Wet Bescherming Persoonsgegevens, Wmo, Wraak, WWZ, Zorgwet | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Humor op het scherpst van de snede, kan dat nog?

Weet u het nog?

Het is stil geworden rondom het volgende incident, maar daarmee is de kous nog niet af.

Renate van der Gijp was voor veel mensen een stap te ver. Ook ik vond dat dit een grens passeerde. In de discussie die daarop volgende werd er van alles en nog wat bij gehaald om het gedrag van René van der Gijp te rechtvaardigen. De grote vraag was: Wat is het verschil tussen Van der Gijp, een cabaretier en de televisieserie De Luizenmoeder? Waarom kan het ene wel en het andere niet?

  • Cabaret

Hoe komt het dat Theo Maassen of Hans Teeuwen snoeiharde opmerkingen mogen maken die te vergelijken zijn met de actie van Van der Gijp? Het antwoord is, wat mij betreft, eenvoudiger dan u zou denken.

Cabaretiers zijn professionals die (maatschappelijke) zaken kritisch bekijken en ter discussie stellen. Daarbij zoeken zij de grenzen op van het toelaatbare. Publiek dat dit te ver vindt gaan, zal geen kaartje kopen om naar een optreden te gaan van een cabaratier die te ver gaat. Die hun grenzen passeert. Maar hoe je het ook wendt of keert, de cabaretier ziet zijn werk als een opdracht om zaken aan de kaak te stellen. In de basis gaat het om ‘de kwestie’ en niet om de persoon.

  • De Luizenmoeder

Nederland is in de ban van het nieuwe seizoen van de televisiehit ‘de Luizenmoeder’. Met maar liefst 5,1 miljoen kijkers evenaart het de televisiegekte rondom ‘Boer zoekt vrouw’. Twee programma’s die een schril contrast vormen als het gaat om het concept. De Luizenmoeder is sartire, een komisch sociaal-maatschappelijk programma dat het gedrag van velen aan de orde laat komen.

Sartire laat zich vaak kenmerken doordat het onderwerpen onder een vergrootglas legt, uitvergroot of over the top wordt neergezet. Vanaf het eerste begin is duidelijk dat het niet om de persoon gaat, maar om het discutabele gedachtengoed dat terug te vinden is in onze samenleving.

  • Voetbal Inside

Voetbal Inside is een televisieprogramma over voetbal. De vaste tafelheren larderen de onderwerpen met grappen. Opmerking over personen in relatie staan met het onderwerp. Maar ook andere zaken worden er bijgehaald, en dit zijn dan vaak seksistische, man- en vrouwonvriendelijke grappen. Grappen die op de persoon zijn gericht. Er wordt op de man gespeeld, om in voetbaltermen te blijven.

En natuurlijk zijn er, net als bij cabaretiers en De Luizenmoeder, mensen die dat leuk vinden en die dat niet kunnen waarderen.

  • Er zit een knop op

“Er zit een knop op je tevee” is een veel gehoorde opmerking tegen mensen die kritiek geven op de cabaretiers, luizenmoeders en René’s die het televisielandschap zouden vervuilen. Maar is dat de juiste opmerking?

Mensen die afwijzend reageren op de uitlatingen van cabaretiers, juf Ank of René van der Gijp, vinden dat grenzen worden overschreden. Zij ervaren een gevoel van onbehagen, negativiteit of beschadiging van de integriteit. Vaak plaatsvervangende schaamte voor degenen die een hak gezet worden. Of dat zij het gevoel hebben een vergelijkbare situatie (met eerder zelf deze momenten) in het leven hebben meegemaakt. Oude wonden worden opengereten, nieuwe worden gemaakt.

Dan is het uitzetten van de tevee of het zappen naar een andere zender geen echte oplossende optie. De meeste televisiekijkers zullen de programma’s niet kijken waarin zij vinden dat de grens van fatsoen of respect wordt overschreden. Maar ja, is er dan veel ophef, dan valt er niet meer aan te ontkomen. Actualiteitenprogramma’s en talkshows duiken massaal op de ontstane commotie en versterken het gebeuren er omheen.

Als het er op aankomt, dan gaat het bij televisieprogramma’s, en daar is geen enkel programma een uitzondering op, uiteindelijk om de kijkcijfers. Bij Voetbal Inside (tegenwoordig bij SBS) is men blij met de ruim 100.000 extra kijkers naar het programma en de vele uren extra airtime die het programma krijgt doordat er fragmenten worden getoond in de andere programma’s op andere zenders.

  • Nieuwe trend

Maar misschien is er sprake van een -nieuwe- trend? Er wordt immers al jaren geklaagd over de verhuftering van de samenleving. Hoe fatsoen en respect verloren zijn gegaan. En misschien is de drukte rondom Van der Gijp wel het eerste signaal van het einde hiervan. Misschien is de Nederlander het wel zat en is Renate van der Gijp de bekende druppel? Heeft de Nederlander het wel een beetje gehad met de vrijheid van meningsuiting? Is dit wetsartikel niet net iets te vaak en te veel als rechtvaardiging gebruikt om maar te zeggen (en te doen) wat eigenlijk niet kan? Is de rek eruit of heeft de Nederlander behoefte aan het nieuwe fatsoen? Na de hele #metoo-hype en de discussie over grensoverschrijdend gedrag naar vrouwen (én mannen) heeft de Nederlander het nu gemunt op de zogenaamde grappenmakers die op de man spelen onder het mom van vrijheid van meningsuiting.

Tja, en is de grap van Van der Gijp een uiting van zijn mening? Uit zijn reacties en die van zijn collega’s (en RTL indertijd) blijkt dat hij er een andere mening op nahoudt. Zijn mening over homoseksuele mannen en andere LHBTI-ers komt niet overeen met zijn gedrag in de show. Hij zegt niet homofoob te zijn of een negatieve mening te hebben over deze groepen, maar hij wil er wel grappen over kunnen maken. Kleedkamerpraat verklaart Johan Derksen (en RTL)…. Tja, en dat duidt dan dat dit soort conversaties aan de orde van de dag in kleedkamers zou zijn?

Hoe dan ook: de discussie over Renate van der Gijp dient niet te worden onderschat. Het zou een signaal kunnen zijn van een andere behoefe: herstel van fatsoen en respect tegenover de medemens, elkaar. Misschien een kans? En als mediator en relatietherapeut zou ik dat het onderzoeken waard vinden. Ontdekken waarvoor het gedrag staat. Een nobel streven voor 2019 en de komende jaren.

Copyright©oncies 2019

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Wanneer depressiviteit opspeelt tijdens een relatiebemiddeling of echtscheidingsmediation

Depressiviteit, mijn man/vrouw is depressief, heeft last van een depressie. Hèt is weer helemaal ìn om over deze gemoedstoestand te praten. Er is geen talkshow-host die er geen aandacht aan besteedt, het levert momenteel extra hoge kijkcijfers op.

Maar daardoor verslapt de aandacht voor dit persoonlijke probleem juist en worden mensen met een depressie juist vaker minder serieus genomen door hun omgeving. Vooral doordat er zo weinig aandacht aan de klachten en verschijnselen wordt besteed. In de talkshows komen vooral de gevolgen aan bod.

Een op de vijftien jongeren lijdt aan een depressie. Een op de vijf Nederlanders krijgt op de een of andere manier met depressies te maken. Vreemd dat ze er dan zo weinig van afweten. Tijdens mediations en relatietherapiën kom ik vaak aan depressiviteit gerelateerde situaties en problemen tegen. Daarom dit uitgebreide blog over dit onderwerp.


  • Terug naar de casus

Eerder schreef ik een blog waarin een man depressieve klachten ontwikkelde in de aanloop naar de scheiding die zijn vrouw in gang zette. In dit blog schrijf ik echter niet alleen over wat er toen nog meer gebeurde, maar zal ik ook aandacht besteden een de klachten en verschijnselen die kenmerkend zijn voor iemand die gediagnostiseerd wordt met een depressie.

“Nou moet ie niet gekker worden”, sprak Anouk met enige verontwaardiging in haar stem nadat ik had opgemerkt dat de klachten en verschijnselen, die Harm vertoonde, mij toch wel erg deden denken aan een depressie. “Dat vind ik toch zo onzinnig. De huisarts zei het ook al. En nu jij ook. Ik kan daar niet bij hoor. Ik snap dat ook niet. Al die lui die maar zeggen dat ze depressief zijn. Voor mij is het allemaal gezeik. Een vorm van aandachttrekkerij. Ja, ik vind het zielepoterij. Allemaal het zielepootje uithangen. Ik kan daar geen begrip voor opbrengen. Misschien komt dat dan wel door mij, hoor. Ik heb daar nooit last van. Ik zie overal de positieve kanten van in. Ik ben ook een positief mens. Ik heb ook niks met mensen die altijd maar uitgaan van het negatieve. Zielepoten zijn het, stuk voor stuk.” Op de bank zie ik ondertussen een man nog kleiner worden en ik onderbreek Anouk in haar betoog, haar tirade tegen iedereen die depressief is. Ik vraag haar of zij weet wat een depressie inhoudt en zij reageert ontkennende. “Ik heb er gewoon niks mee. Het spijt mij Harm, maar ik kan hier ook niks mee. Als jij depressief bent, dan ben je dat al jaren. Dan is dat niet van de laatste tijd of doordat ik bij je weg wil.” En opnieuw volgt er een opeenstapeling van verwijten naar Harm en opnieuw onderbreek ik Anouk in haar betoog. Ik vraag haar of ik mag toelichten wat een depressie inhoudt en opnieuw stemt zij toe.


  • Wat zijn de klachten en verschijnselen bij een depressie?

Laat ik beginnen met vast te stellen dat een depressie kan zich op erg veel verschillende manieren kan uiten. Deze uitingsvormen noemen we verschijnselen of symptomen, en zij zijn bepalend hoe ernstig een depressie kan zijn. Bovendien is de aard en vorm voor ieder mens anders. Het is dan ook niet zo vreemd dat een depressie vaak kortere of langere tijd niet als zodanig wordt herkend.
Ondanks alle mogelijke verschillen worden er twee min of meer kenmerkende klachten/verschijnselen altijd onderscheiden:

  1. de depressieve stemming, en
  2. het feit dat iemand nergens meer plezier aan kan beleven.

Deze twee kenmerken moeten beide aanwezig zijn, voordat er van een depressie kan worden gesproken. Hoe meer andere klachten en verschijnselen verder nog aanwezig zijn, hoe ernstiger de depressie. Aan de hand van de bijkomende klachten kan er ook een onderscheid gemaakt worden tussen de diverse typen depressies.

A. Depressieve stemming

Tijdens een depressie is er altijd sprake van een continu verlaagde stemming, waarbij matige tot ernstige bedroefdheid, pessimisme en gebrek aan zelfvertrouwen overheersen. Kenmerken die in ernstige mate bij Harm zichtbaar zijn en door hem worden ervaren. Hij voelt zich de laatste tijd bedrukt, mat, down, neerslachtig, rot of in de put zitten. Zijn stemming is bij zijn uitingen van depressiviteit dalend tot een gevoel van peilloze diepte. Hij ervaart alles negatief en zegt ook letterlijk dat hij er geen gat meer in ziet. Hij klaagt over zijn onophoudelijke huilbuien en ervaart dat niet als een opluchting. Nee, in zijn geval is het juist een bevestiging van de ellende waarin hij zit.

B. Geen plezier

Een ander kenmerk voor een depressie is, zoals gezegd, dat men nergens meer plezier aan kan beleven. Harm kan bijvoorbeeld niet meer genieten van zijn tuin of een goede fietstocht. Hij zit nog in zijn tuin en hij stapt nog wel op zijn fiets, maar het gevoel dat erbij hoort is als het ware weg, of dood. Harm voegt daaraan toe dat dit anders zou zijn wanneer hij dit met Anouk zou kunnen delen, maar die mogelijkheden worden hem door haar ontnomen. Inzien dat hij ook zou kunnen genieten zonder dat Anouk daarbij aanwezig is, ontbreekt hem volledig. Harm is bang dat hij geen gevoel meer heeft en ervaart dit als afschuwelijk. Bovendien blijkt ook dat dit voor de omgeving heel moeilijk is te begrijpen. En wat het nog erger maakt, is dat hij niet meer gelooft dat het gevoel ooit weer terug zal komen. Anouk laat hem dit ook in niet mis te verstane bewoordingen weten.

C. Interesseverlies

Mensen met een depressie hebben minder of zelfs helemaal geen belangstelling meer voor alledaagse dingen zoals werk en hobby’s, dingen die ze vroeger graag deden. Contact met vrienden en familie hoeft ook niet meer zo nodig. Ze hebben er gewoon geen zin meer in. Bij Harm uit zich dit in het zich volledig terugtrekken in zijn huis, zijn drinken en rookgedrag. Hij houdt het liefst iedereen buiten de deur en is Anouk ook alles behalve dankbaar voor het feit dat zij, uit oure betrokkenheid en bezorgdheid haar broer en zijn ouders had gewaarschuwd op die bewuste avond waarin hij haar had geAppt. Daarnaast heeft Harm geregeld dat hij voorlopig minder werkt, wat alsnog een enorme opgave voor hem is om te doen.

D. Slaapstoornissen

Veel mensen met een depressie klagen over een ‘slechte’ slaap. Allereerst levert het inslapen problemen op: het kan uren duren, voordat men in slaap valt. En als men dan uiteindelijk slaapt, dan wordt men vaak al na een of twee uren weer wakker. Vervolgens slapen men weer even in om na een uur opnieuw wakker te worden. De slaap wordt op deze manier dus regelmatig onderbroken, wat als zeer onrustig ervaren wordt. Het kan zelfs de indruk geven dat men de hele nacht geen oog heeft dichtgedaan. Harm denkt dit te hebben opgelost door ’s avonds overmatig veel alcohol te nuttigen. Hij neemt de fles mee naar bed en valt daarmee in slaap. Harm wordt dan wel weer ‘s morgens vroeg wakker, om een uur of vier, vijf, zonder opnieuw in te kunnen slapen. Hij voelt zich dan klaarwakker, zonder zich overigens goed uitgerust te voelen. Het weer in slaap vallen wordt belemmerd, doordat hij dan gaat piekeren over de dag die komt, waar hij als een berg tegenop zien. In tegenstelling wat veel andere mensen dan doen, stapt Harm niet naar de huisarts voor medicatie. Hij heeft zijn alternatieve remedie.

E. Eetstoornissen

Anouk heeft al aan het begin van de bemiddeling haar zorg uitgesproken over het gewichtsverlies bij Harm. In de veel gevallen is er bij een depressie sprake van een verminderde eetlust en daarvan is ook sprake bij Harm. Zijn lichaam bevatte al nauwelijks vetreserves, dus de 6-8 kilogrammen die hij aan gewicht heeft verloren zal van invloed zijn op zijn spiermassa.. “Ik krijg geen hap door mijn keel.”,  “Ik eet omdat ik moet eten, maar het smaakt mij helemaal niet.” En “Denk je dat ik het leuk vind om zonder jou hier te gaan zitten eten.”, zijn zijn reacties op de opnerkingen van Anouk. Harm heeft ook last van een droge mond (waar veel depressieve mensen last van hebben). Hij drinkt, naast de alcohol ook heel veel water en maakt smak-geluiden voordat hij gaat praten. Door deze vermagering kunnen depressieve mensen er nog minder gezond uit gaan zien. Het omgekeerde is echter ook mogelijk. Soms hebben depressieve mensen juist een onbedwingbare behoefte om veel te eten. Dit gaat dan meestal in de vorm van vreetbuien. Alles wat maar binnen handbereik is wordt opgegeten. Koektrommels en ijskasten worden leeggegeten. Vanzelfsprekend is dan een gewichtstoename het gevolg.

F. Dagschommeling

Depressieve mensen kunnen ‘s morgens meestal niet goed op gang komen, omdat ze zo verschrikkelijk opzien tegen elke nieuwe dag. Als ze toch eenmaal op gang gekomen zijn, kan het voorkomen dat ze zich in de loop van de dag wat beter gaan voelen. In de avond voelen ze zich dan het beste, zelfs zo goed dat ze zich niet kunnen voorstellen hoe depressief ze die ochtend waren. Ze kunnen zelfs het moment van het naar bed gaan uitstellen omdat ze zo lang mogelijk hiervan willen ‘genieten’. Maar het komt ook wel eens voor dat ze zich ‘s avonds slechter voelen dan ‘s morgens. Dit heet een omgekeerde dagschommeling. Dit is meestal het geval bij mensen die overdag een bepaalde vorm van afleiding hebben en ‘s avonds alleen thuis zitten. Bij Harm is er sprake van elke dag een rampdag. De dag begint kloten, eindigt in eenzaamheid en wordt weggespoeld met een flinke lading alcohol.

G. Traagheid of juist onrust

Bij veel depressieve mensen gaat het spreken, het denken en het bewegen traag en langzaam. In dat geval spreekt men daarom van een geremde depressie. Alle bewegingen verlopen in een traag tempo. Ze zitten vaak in een houding, bewegingloos, iets wat ze een tijdlang kunnen volhouden. Als er sprake is van een totale bewegingloosheid, wordt er gesproken van een stupor. Dit lijkt op een toestand van algehele verdoving. Harm heeft geen verschijnselen van een stupor, maar de andere verschijnselen komen in de gesprekken steeds sterker naar voren. Als hij uiteindelijk reageert, dan is dat steeds meer vanuit een ingehouden woede. Harm wil deze niet tonen, zegt wel dat hij boos is, maar dan niet op Anouk. Harm heeft ook  geen behoefte om uit zichzelf te spreken. Kan langdurig zwijgen en op vragen reageert hij traag, vaak met eenlettergrepige woorden: ja of nee. Dit duidt op een ernstige depressie. Alles verloopt voor Harm traag, het denken, maar ook zijn tijdsbeleving. Een minuut duurt voor hem wel een uur, een uur duurt een dag en een dag duurt bijna een jaar. Harm ervaart dat weer als zeer afschuwelijk. Hoe erg dit is, valt voor Anouk dan weer moeilijk voor te stellen.

Als Harm het gesprek zat is, dan reageert hij als bij een geagiteerde depressie, waarbij de hij juist heel onrustig en ongedurig in zijn bewegingen is. Deze bewegingen zijn meestal doelloos. Harm staat dan op en loopt eerst wat heen en weer (ijsbeert) om dan maar een glas water in te schenken of koffie aan te bieden, of hij schuift wat onrustig de bank heen en weer. Hij is snel geïrriteerd en kan bovendien angstig zijn. Wanneer ik Harm daarnaar vraagt bevestigt hij dit of hij reageert geagiteerd. “Het spreekt och voor zich, Kees. Wat wil je nog meer. Ik raak alles kwijt. Anouk is vertrokken en mijn huis kan ik niet betalen. JA, ik ben heel erg bang.” Het gedrag van Harm is aanklampend, wat wil zeggen dat hij Anouk en mij steeds maar weer probeert duidelijk te maken dat hij het zo moeilijk heeft. Dit kan tot irritatie leiden, wat hem dieper in zijn isolement brengt.

H. Gespannenheid

Mensen die epressief zijn voelen zich vaak zeer gespannen. Dit gevoel kan zelfs zo overheersend zijn, dat de omgeving en eventueel ook de hulpverleners niet aan een depressie denken. Deze mensen klagen dan vaak over hoofdpijn, in de vorm van een bandgevoel om het hoofd, of over hoofdpijn die vanuit de nek omhoog trekt. Daarnaast kunnen mensen dan ook last hebben van buikpijn of van een drukkend gevoel op de maag. De gespannenheid kan zichtbaar zijn, doordat men over het hele lichaam beeft. Harm ervaart deze gespannenheid ook en uit deze ook. Hierdoor zijn veel plaatsgenoten en collega’s op de hoogte over wat er zich in het leven van Harm afspeelt.

I. Angstklachten

Bij angstklachten is het soms onduidelijk waarvoor iemand die depressief is nu precies bang is. Daarom wordt dit een algemene of diffuse angst genoemd. Dit is in tegenstelling tot een duidelijk omschreven angst als voor spinnen of hoogtevrees. Een duidelijk omschreven angst kan men tegengaan door datgene waarvoor men bang voor bent te vermijden. Bij een behandeling wordt juist vaak opgedragen de angstwekkende situatie op te zoeken. Dit doet de angst op den duur verbleken (extinctie). 

J. Energieverlies

“De fut is er uit Het lijkt wel of ik geen energie meer heb om ook maar iets te doen”, merkte Harm op tijdens de laatste twee gespreksronden. Dit zijn veel gehoorde opmerkingen van mensen met een depressie. ‘s Morgens bij het opstaan voelen men zich al zo moe alsof men er al een hele dagtaak op heeft zitten. De neiging om te blijven liggen en daar maar de hele dag in te blijven is dan erg groot. Voor de omgeving is dit moeilijk te begrijpen en het veroorzaakt dan ook snel spanningen binnen de relatie of het gezin. Anouk heeft dit ook in niet mis te verstane woorden tegen Harm gezegd. En haar woorden hadden eerder het tegenovergestelde effect.

K. Verminderd zelfgevoel

Mensen die depressief zijn, hebben vaak een lage dunk van zichzelf. Ze hebben voortdurend het gevoel dat ze tekortschieten en falen, zowel in hun gezin als op hun werk. Ze denken erg min over zichzelf en gaan daar diep onder gebukt. Dit geldt ook voor hun uiterlijk. Ze vinden zichzelf onaantrekkelijk of zelfs afzichtelijk, en ze kunnen zich niet voorstellen dat een ander daar niet net zo over denkt. Het is voor de omgeving meestal niet mogelijk om hen dit soort gedachten uit het hoofd te praten.

L. Schuldgevoelens

In het verlengde van een gering gevoel van eigenwaarde liggen schuldgevoelens. Deze kunnen ook zeer kwellend zijn. Ook Harm uit zich hierover: “Ik heb het blijkbar allemaal verkeerd gedaan. Ik heb gefaald in de relatie, maar ik kon niet meer dan wat ik heb gedaan. Blijkbaar ben ik een mongool.” Harm maakt zichzelf voortdurend verwijten over dingen die hij in het verleden gedaan heeft of juist nagelaten heeft. Dit idee kan zelfs dusdanige vormen aannemen dat hij er tegen beter weten in vast van overtuigd is dat het ook echt waar is. In dat geval wordt er van schuld- en zondewanen gesproken. Verder vindt hij het ontzettend bezwaarlijk dat er zoveel mensen zijn, familieleden bijvoorbeeld, die proberen te helpen en hem proberen op te vrolijken. Dit kan het schuldgevoel alleen nog maar versterken, want hij vindt dat hij het niet waard is om geholpen te worden. Bijna altijd gaan hier aan schaamtegevoelens mee gepaard. Harm geeft hierover ook aan dat hij schuldig is aan de zorgen bij zijn familie.

M. Concentratieproblemen

Een klacht die Harm van het begin af aan heeft geuit is dat hij heel veel moeite heeft om ergens de aandacht bij te houden. Een boek lezen lukt haast niet meer, terwijl tv-uitzendingen eigenlijk ook langs hem heen gaan. In gezelschap (zoals tijdens de gesprekken) is hij wat afwezig, ook al geeft hij aan alles wel te horen en te volgen. Mensen met depressieve klachten horen hetgeen er wordt gezegd wel, maar het gaat het ene oor in en het andere oor weer uit. Soms lijkt het daardoor wel alsof ze ook wat vergeetachtig zijn. Met nadruk wordt hier het woord ‘lijkt’ gebruikt, want het geheugen als zodanig is niet gestoord. Maar als er iets tegen hen gezegd wordt en men is er met degedachten niet bij, dan is het het ook zo weer vergeten.

N. Stoornis in het denken

Het denken van mensen met depressieve klachten wordt vaak volledig in beslag genomen door hun problemen. Ze piekeren aan een stuk door, vaak over steeds maar hetzelfde. Hun gedachten, die meestal betrekking hebben op het niet kunnen begrijpen waarom zij zich zo ellendig voelen, blijven als het ware in cirkels ronddraaien. Het denken wordt verder gekenmerkt door een vertraagd tempo. De gedachtegang kan soms zelfs stagneren en helemaal stil komen te liggen. Bij Harm speelt deze wijze van denken én beleven een grote rol. Hij kan maar aan één dingen, één iemand, denken. Hij is ook niet bereid om zijn denken aan Anouk op te geven, omdat hij dan toegeeft aan de scheidingsperikelen van Anouk.

O. Besluiteloosheid

Het lukt Harm ook niet meer om beslissingen te nemen. Hij twijfelt aan de meest eenvoudige en elementaire dingen, die voorheen geen problemen opleverden. Het gaat om gewone en alledaagse dingen. Dit wordt twijfelzucht genoemd.

P. Dwanggedachten

Harm beklaagt zich bij Anouk over het probleem dat hij last heeft van gedachten die iedere keer als het ware aan hem opgedrongen worden. Het lukt hem niet zich hiertegen te verzetten, hij kan deze gedachten niet uit zijn hoofd bannen. Dit worden dwanggedachten genoemd. De inhoud van deze gedachten heeft meestal te maken met de dood, ondergang of met seksualiteit. Harm geeft aan dat hij steeds maar weer in hetzelfde cirkeltje van gedachten komt. Het lukt hem niet om dit te doorbreken.

Q. Denken aan de dood

Voor veel mensen die depressief zijn hoeft het leven niet meer. Bij de een komt deze gedachte slechts zo nu en dan op, maar bij de ander is deze gedachte voortdurend aanwezig. Harm geeft aan dat deze gedachten vaak door zijn hoofd spoken, hetgeen zich voor het eerst heeft voorgedaan op de bewuste avond waarin hij het afscheidsberichtje naar Anouk heeft gestuurd. Soms kan Harm ook aan niets anders meer denken. De dood is namelijk de enige manier, zo denkt hij, om uit zijn lijden verlost te worden. Bovendien belast hij niemand meer met zijn gedoe. Het leven zonder Anouk ervaart hij als een kwelling. Men kan zelfs van het leven walgen. Harm denkt dat hij de omgeving alleen maar tot last is: “Ik kan maar beter dood zijn, dan zijn jullie van mij af.”

Familieleden, maar ook hulpverleners, ervaren het nog steeds als een taboe om over suïcidale gedachten te praten en om direct te vragen naar eventuele vastomlijnde plannen in die richting. Veel depressieve mensen zwijgen hierover, uit angst dat hun plannen vroegtijdig ontdekt worden. Anderen voelen zich daarentegen juist wat opgelucht, wanneer er over gesproken wordt. Daarna voelen zij zich ook wat meer beschermd. Ik ben over dit onderwerp het gesprek aangegaan met Harm. Niet dat ik hem op andere gedachten wil brengen, ik heb met hem uiteindelijk afspraken gemaakt over wat hij zal doen wanneer zich opnieuw suïcidaal handelen bij hem opdringt. Door deze afspraken heeft Harm de mogelijkheid om het feitelijk handelen niet in een opwelling te laten plaatsvinden. Hij heeft nu de mogelijkheid om, zonder dat hij wordt gedwongen, gebruik te maken van een escape of veiligheidmechanisme.

Ht is van belang om bij het volgende stil te staan. Vaak wordt gedacht dat mensen die zeggen zelfmoord te zullen plegen, het toch niet zullen doen. Dit is nog steeds een onuitroeibaar fabeltje. Uitlatingen over de dood dienen altijd serieus genomen te worden, ook al zouden ze wat aanstellerig of aandachttrekkend overkomen. Het zijn en blijven noodsignalen, vanuit pure wanhoop en machteloosheid. Uitspraken als ‘Ik wou dat ik niet meer wakker werd’ en ‘Als ik zou verongelukken, dan zou het me niets kunnen schelen’ mag men dus niet als loze opmerkingen beschouwen. De opmerkingen die Anouk over de depressie van Harm maakt, duiden op onvoldoende inzicht in de problematiek en kunnen -onbedoeld- ernstige gevolgen hebben. Zeker bij Harm zou de drang om haar te bewijzen, dat het geen zielepoterij of aandachttrekkerij is, wel eens verkeerd kunnen uitpakken.

Ernstige suïcidale gedachten en/of pogingen tot zelfdoding kunnen leiden tot een (onvrijwillige) opname in een ziekenhuis. De opname vindt dan plaats op basis van het criterium ‘Harm is een gevaar voor zichzelf en/of zijn omgeving’.

R. Zelfdoding

In ons land overlijden er jaarlijks ongeveer 14 op de 100.000 mensen als gevolg van zelfdoding (suïcide). Men gaat ervan uit dat het aantal pogingen tot zelfdoding (suïcidepogingen) ongeveer tien keer zo hoog is. Officieel is dit cijfer 120 op de 100.000. Waarschijnlijk is dit getal in werkelijkheid nog wat hoger, gezien het aantal niet geregistreerde pogingen.

S. Lichamelijke klachten

Mensen met een depressie hebben vaak tegelijk ook lichamelijke klachten. Daarbij zullen vermoeidheidsklachten en hoofdpijnklachten op de voorgrond staan, maar ook pijnklachten elders in het lichaam komen heel veel voor. De pijn kan letterlijk overal zitten, zonder dat er een verklaring voor gevonden wordt. Men spreekt hier van onbegrepen pijnklachten. Verder kunnen depressieve mensen last hebben van een droge mond, maagpijn, trage stoelgang, problemen met urineren en vrouwen van menstruatiestoornissen. Een huisarts dient bij aanhoudende lichamelijke klachten na te gaan wat daarvan de oorzaak is. Meestal kan hierbij worden volstaan met een lichamelijk onderzoek, eventueel aangevuld met zogenoemd hulponderzoek (bijvoorbeeld laboratorium- en röntgenonderzoek). De huisarts dient bij het vermoeden van psychiatrische klachten en verschijnselen, altijd een eventuele lichamelijke oorzaak uit te sluiten. Als blijkt dat er daadwerkelijk sprake is van een depressie, dan wordt adequaat behandelen geindiceerd. Vaak verdwijnen dan ook de lichamelijke klachten of verdwijnen die naar de achtergrond. Achteraf is dan pas duidelijk dat de depressie schuilging achter allerlei lichamelijke klachten (gemaskeerde depressie).

T. Libidoverlies

Onder libidoverlies verstaan we de omstandigheid dat iemand geen aandrang voelt of zin heeft om seksueel actief te zijn. Bijna mensen met depressieve klachten komt dit relatief vaker voor. Het lukt niet meer en men raakt al snel in een vicieuze cirkel. Bij de man geeft dat onder meer potentie-, ejaculatie- en orgasmeproblemen. Bij de vrouw leidt dit tot verminderde gevoeligheid, een droge vagina en/of pijn tijdens de penetratie (vaginisme).

Net als bij de eerder genoemde lichamelijke klachten, heeft men bij seksuele problemen niet altijd meteen in de gaten dat het om een depressie gaat. Ook bepaalde antidepressiva kunnen overigens als bijwerking seksuele problemen veroorzaken. Wanneer de depressie verdwijnt of het medicijngebruik wordt beëindigd, verdwijnen meestal ook de seksuele klachten weer. Is dit niet het geval, dan is er toch meestal sprake van een andere oorzaak: relatieproblemen, of toch een lichamelijke oorzaak. Harm heeft dan wel enorme behoefte aan de aanwezigheid van Anouk in zijn leven, maar hij moet er niet aan denken dat hij met haar seksueel intiem zou moeten zijn.

U. Hypochondrie

Mensen die aan een depressie lijden, kunnen overmatig bezorgd zijn over het functioneren van hun lichaam. Ze zijn voortdurend bezig met bijvoorbeeld de ontlasting. Als deze niet regelmatig komt, zijn ze bijvoorbeeld bang dat ze een darmziekte hebben. Bij elke steek rond het hart denken ze bijna direct binnenkort door een hartinfarct geveld te worden. Dit verschijnsel wordt hypochondrie genoemd. Degene met depressieve klachten heeft de vaste overtuiging dat hij een lichamelijke ziekte heeft of die binnenkort krijgt. Geruststelling, na uitgebreid onderzoek, helpt soms wel even, maar snel daarna komt de angst weer terug. In het ergste geval kan de hypochondrie de vorm aannemen van een zogenoemde hypochondere waan. Dan is de persoon met depressieve klachten helemaal niet meer gerust te stellen.

V. Psychotische verschijnselen

De depressie is soms zo ernstig, dat naast een diep depressieve stemming ook zogenoemde psychotische verschijnselen aanwezig zijn. Psychotische verschijnselen kenmerken zich onder andere doordat er wordt aangegeven dat de betrokkene het contact met de realiteit verloren heeft. Men kan bijvoorbeeld bepaalde waangedachten of wanen hebben (schuldwaan, zondewaan, armoedewaan enz.). De inhoud van deze gedachten is meestal negatief gekleurd en berust niet op feiten, maar men is niet  (meer) in staat om dat in te zien. Evenmin is men van dat bepaalde idee af te brengen. Oftewel: de opgedrongen gedachten zijn niet voor correctie vatbaar. Er voortdurend tegenin gaan heeft totaal geen zin, het wekt alleen maar irritatie en boosheid op. Verder komen, zij het zeer zelden, ook akoestische (stemmen horen) en visuele hallucinaties voor. Het spreekt voor zich, dat een depressie waarbij psychotische verschijnselen voorkomen, een zeer ernstige vorm van depressie is. De wanen en hallucinaties kunnen door een depressief iemand als zeer angstaanjagend worden ervaren. De omgeving staat er vaak machteloos tegenover. Niet altijd wordt onderkend hoe gevaarlijk deze ernstige vorm van depressie is. Het gevaar voor zelfdoding is vrij groot. Vaak is het de familie die al eerste de ernst van de situatie onderkent en op zoek gaat naar hulp. Een opname, waarbij een adequate behandeling zo spoedig mogelijk gestart moet worden, is meestal dringend noodzakelijk. Naast medicijnen tegen de depressie (antidepressiva) kunnen ook medicijnen gegeven worden gericht tegen de psychose (antipsychotica).

W. De vitale depressie

Er wordt gesproken over een vitale depressie wanneer de depressie, naast de psychische belasting en beleving, ook van invloed is op het algehele functioneren en de behoefte om tot zelfdoding over te gaan eminent aanwezig blijft. De situatie is letterlijk levensgevaarlijk (van vitaal belang).


Voor de komende tijd is het voor Harm zaak om gebruik te maken van de aangeboden hulp en dat hij zich onder behandeling stelt van een speciaal team bij de lokale GGZ. Daar ligt nu de prioriteit voor Harm. Voor Anouk is het zaak zich goed te laten informeren over depressiviteit bij mensen. Zij hoeft haar besluit niet te herzien, maar zij kan wel de te volgen procedure aanpassen aan de toestand van Harm. Door hierover met het behandelteam (en als het enigszins mogelijk is ook met Harm) in overleg te gaan, kan zij bijdragen in het herstel van Harm. Zonder dat dit ten koste van haarzelf hoeft te gaan.


Copyright©oncies 2017


Bron: Voor dit blog is gebruik gemaakt van eigen lesmaterialen en aangevuld met recente informatie van de website depressie.org.

Geplaatst in Affectieve relatie, Afscheid, Agressie, Alcoholgebruik, Alcoholmisbruik, Alcoholproblemen, Alledaags, Angst, arbeidsconflict, Arbeidsomstandigheden, Balans, Bedreiging, Belangen, Bemiddeling, Bezorgdheid, Bindingsangst, Boosheid, Communicatie, Communicatiestoornis, Competenties, Complexe echtscheiding, Complexe scheiding, conflict, convenant, Depressief, Depressiviteit, Diagnose, dood, echtscheiding, Eenzaamheid, Eigen woning, Ergernissen, Escalatie, Expertise, Familieleed, Familiemediation, Familiezaken, Frustraties, Gebroken-hart syndroom, Gedragsproblemen, Geestelijk lijden, Geweld, Geweldloos, gezondheidszorg, Huwelijk, Informatief, Insomnia, Inspanningsverplichting, Integriteit, Intimidatie, Intimiteit, Irritaties, Koopwoning, Kwaliteit van leven, Lichamelijk lijden, Liefdesverdriet, maatwerk, Mediation, Medisch handelen, Obsessief gedrag, Onderhandelingen, Onverwerkt verdriet, ouderschapsplan, Overlijden, Overtuigingen, Passief geweld, Persoonlijkheidsstoornis, Pijn, Psychologie, Psychologische ontwikkelijk, Psychosociale ontwikkeling, publicaties, Relatiebemiddeling, Relatieherstel, Relatieprobleem, Relatieproblemen, Relatietherapie, Repressie, Respect, Rouwen, Rouwproces, Rouwverwerking, samenwonen, Scheiden, scheiding, Seks, Seksueel actief, Slaapritme, Slapeloosheid, Slapen, Sociaal lijden, Spanningen, Spraakmakend, Standpunten, Sterven, stress, Teleurstelling, Therapie, Toekomst, Trouwen, Uncategorized, vechtscheiding, Verlatingsangst, verlies, Verzoening, Volwassenheid, vreemdgaan, Waarden en normen, Werkgever, Werknemer, Zekerheid, zorg | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Verkeershufters = #doeslief?

Ik maak nogal wat kilometers, omdat ik mijn mediation- en bemiddelingsgesprekken bij de mensen thuis uitvoer. Iets wat vaak heel praktisch is, maar ook leidt tot betere resultaten. Veelal zijn die gesprekken in de avonduren en dan ook nog eens vanaf een uur of negen. Dat betekent dat ik weer naar huis rijd wanneer het richting middernacht gaat. Het gaat in dit blog niet om de terugweg, dan is het relatief rustig op de weg, maar om de heenweg.

*

SIRE (Stichting Ideële Reclame) is gestart met een anti-asogedragcampagne om a-sociaal gedrag op de sociale media onder de aandacht te brengen. Een nobele campagne. De vraag die bij mij opkomt is echter van een geheel andere aard: Wanneer start SIRE een campagne om huftergedrag op de Nederlandse wegen onder de aandacht brengen? Ik geef alvast wat voorbeelden en doelgroepen.

*

Het verkeersbeeld is de afgelopen jaren sterk veranderd. Met name het aantal verkeershufters is dramatisch gestegen. De leeftijdsgroep 18-35 jarigen misdraagt zich het meeste, ik weet dat ik generaliseer, en scheurt, met snelheden die tot het dubbele gaan van wat daar is toegestaan, links en rechts om iedereen heen. Voor hen geldt het recht van de a-sociaalsten. Wat maakt het hen uit. De anderen op de weg moeten maar uitkijken als zij geen ongelukken willen. Als losgeslagen runderen stunten zij op het scherpst van de snede met verkeersregels en met wat zij uit hun bolide kunnen halen. Of het nu om een auto gaat of een motor, waarop zij rijden, het is hen om het even. Als het maar hard en onverantwoord is. Ik heb zelf meegemaakt dat een knul van een jaar of twintig mij nog even links passeerde terwijl ik op de linker baan reed. En ik ben gestopt met het tellen van het aantal keren dat ik door straatracers werd ingehaald. Laat staan dat ik hier het voorbeeld nog aan de orde wil stellen van alle bestuurders van auto’s die zitten te bellen, al heen en weer slingerend op de snelweg hun snelheid terugbrengen tot 40-60 km/uur.

De tweede groep verkeershufters is de leeftijdsgroep 35+, waarin zich twee subgroepen laat onderscheiden. De eerste is die van 35-55 jaar en de tweede is die van ouder dan 55 jaar. De eerste groep vertoont een mengsel van de groep 18-35 jarigen. En de groep 55+-ers….? Eigenlijk is die groep moeilijk te differentiëren.

De groep van 55+-ers is minstens zo a-sociaal als de groep jonger dan 35 jaar. En toch is hun rijgedrag compleet tegengesteld. Het is een groep automobilsten en motorrijders die op zoek is naar de absolute minimum snelheid op de snelweg en andere doorgaande wegen. De groep die binnen de bebouwde kom door wandelaars op het trottoir worden voorbijgelopen. Die voor elke tegenligger het gas loslaten en bij zijwegen vertragen om in alle rust het daar, op ruim 200 meter afstand, rijdende verkeer te zien aankomen rijden. Op doorgaande N-wegen concurreren zij met landbouwvoertuigen en op meerbaans snelwegen ontwijken zij massaal de rechter rijstrook.

*

Het is dan ook geen wonder meer dat er zoveel aanrijdingen plaatsvinden. Dat er dagelijks kilometers file op de snelwegen staan als gevolg van ongelukken. Dat dorpen en steden sluiproutes afsluiten vanwege de files die op provinciale wegen zijn onstaan, die doorlopen tot in hun stadskernen. Nee, autorijden is geen leuke bezigheid meer. De zondagsrijder is de alle-dagen-van-de-weekrijder geworden. SIRE mag dan ideëel zijn ten aanzien van asogedrag, het mag van mij zeker ook aandacht besteden aan sommige oorzaken.

*

Wil SIRE daadwerkelijk resultaat zien van een campagne, dan doet het er goed aan om eens na te denken over de volgende vraag: Hoe kan SIRE ouders bewegen om hun kinderen weer zodanig op te voeden, dat zij met meer respect met hun medemens omgaan, ongeacht hun etnische, religieuze achtergrond, hun seksuele geaardheid, of welke andere achtergrond dan ook?

*

Copyright©oncies 2015/2019

Geplaatst in Aanvullende verzekering, ADHD, Agressie, Alcoholmisbruik, Alledaags, Alzheimer, Anti-sociaal, ANWB, Belangen, Bestuurskunde, Bezorgdheid, Boosheid, Caravan, Compensatie, conflict, Criminaliteit, Dementie, Depressiviteit, Dierenmishandeling, Discriminatie, Epidemie, Escalatie, Excursies, Feedback, Gedragsproblemen, Geloofsovertuiging, Geweld, Gezin, gezondheidszorg, Huiselijk geweld, Informatief, Inspanningsverplichting, Integriteit, Internetgeneratie, Intimidatie, Jeugdzorg, kinderbelangen, Kwaliteit van leven, Kwaliteit van zorg, Lichamelijk lijden, lijfstraffen, maatwerk, Machtsmisbruik, Magisch denken, Mediation, Moord, Obsessief gedrag, Ontspanning, Ouderen, Ouders, overheidsbeleid, Overtuigingen, Participatiesamenleving, Passief geweld, pesten, Politie, politiek, Puberteit, publicaties, Relatieproblemen, Repressie, Respect, Respectloosheid, Uncategorized, Verkeersdelict, Verslaving, Verzekeringen, Waarden en normen, Wanbeleid, Wanprestatie | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

2015: Transitievergoeding bij ontslag wordt ingevoerd….

2019: Werkgevers speculeren en houden personeel in een slapend dienstverband om transitievergoeding te ontlopen.

De transitievergoeding is in de plaats gekomen van de ontslagvergoeding. Deze nieuwe vergoeding dient ook te worden voldaan wanneer een werknemer langer dan twee jaar ziek is en de werkgever de werknemer ontslaat, omdat dan de uitbetaling van het salaris, uiteraard aangepast naar de UWV-normen hiervoor, door het UWV wordt overgenomen. En dan wordt het, bij een hoge transitievergoeding, plotseling aantrekkelijker voor een werkgever om te gaan speculeren op de tijd die er dan nog rest bij handhaving van het dienstverband. Zeker wanneer er is vastgesteld dat deze werknemer in de terminale levensfase verkeert.

*

De volkskrant kopte op 12 februari:

[Begin citaat]

Rechter forceert ontslag na twee jaar ziekte zodat werkgever ontslagvergoeding niet kan ontduiken

Werkgevers mogen zieke werknemers niet oneindig in dienst houden om daarmee het betalen van de ontslagvergoeding te ontlopen. Een zorginstelling die dat probeerde, moet een zieke arts van de rechter alsnog ontslaan en een vergoeding van 144 duizend euro betalen.

Daarmee haalt de rechter een streep door een praktijk waarmee sommige werkgevers de afgelopen jaren probeerden onder de ontslagvergoeding uit te komen die sinds juli 2015 verplicht is. De zorginstelling hield de terminaal zieke arts na twee jaar ziekteverlof nog ruim een jaar zonder salaris in dienst. Bij overlijden zou ook de ontslagvergoeding vervallen. De rechter stak hier eind 2018 een stokje voor, naar nu bekend is geworden, in de rechtszaak waarin de arts om ontslag vroeg. 

Het misbruik van ‘slapende dienstverbanden’ komt woensdag aan de orde in een debat in de Tweede Kamer met minister Wouter Koolmees (D66) van Sociale Zaken. Hoeveel werkgevers de truc hebben ontdekt, is niet bekend. Vakbeweging FNV schat dat duizenden werknemers er de dupe van zijn. 

Keuring

In de eerste twee jaar ziekte zijn werkgevers verplicht het loon door te betalen en, net zoals de uitgevallen werknemer, te zoeken naar nieuw, vervangend werk. Na twee jaar volgt de keuring voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering die het UWV betaalt. Normaliter wordt de uitgevallen werknemer dan door de werkgever ontslagen, maar sinds juli 2015 moet  bij ontslag de transitievergoeding betaald worden.

Werkgevers vinden dat de rekening dan wel erg  oploopt, omdat zij ook al twee jaar het loon hadden doorbetaald zonder dat daar iets tegenover stond. Om die praktijk tegen te gaan, diende het vorige kabinet een reparatiewet in. Die regelt dat werkgevers de ontslagvergoeding die zij na twee jaar ziekte aan de uitgevallen werknemer betalen, bij het UWV kunnen declareren.

De kosten worden verhaald op de sociale fondsen waarvoor alle werkgevers de premie betalen. Het ministerie verwacht dat volgend jaar ruim een miljard euro wordt geclaimd en daarna jaarlijks 180 miljoen euro. Maar werkgevers kunnen de ontslagvergoeding pas vanaf april volgend jaar bij het UWV declareren. De regeling geldt met terugwerkende kracht vanaf juli 2015.

Speculeren op overlijden

De rechter die de zorginstelling nu veroordeelt tot het ontslaan van de zieke arts en het uitbetalen van de ontslagvergoeding, verwijst naar deze reparatiewet. Daarnaast speelt volgens de rechter mee dat de zorginstelling speculeerde op het overlijden van de zieke arts. ‘Duidelijk is in ieder geval dat door stilzitten van de stichting de tijd op korte termijn zijn werk zal doen. Door de dood van eiser eindigt de arbeidsovereenkomst en is geen transitievergoeding verschuldigd’, aldus het vonnis.

Evert Verhulp, hoogleraar arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, wijst erop dat de reparatiewet nog niet alles heeft opgelost. ‘Als een werkgever de uitgevallen werknemer binnen twee jaar herplaatst in een andere positie met een lager salaris, moet hij ook een transitievergoeding betalen. Waarom zou de werkgever zich inspannen als hij die vergoeding niet kan declareren, maar de ontslagvergoeding na twee jaar wel? Hetzelfde geldt voor de werknemer. Waarom zou die meewerken aan herplaatsing als hij na twee jaar een volledige ontslagvergoeding kan krijgen en later misschien alsnog nieuw werk kan vinden?’

Ook wijst Verhulp op een ‘morbide’ kant aan het systeem. ‘Wie bínnen twee jaar overlijdt, krijgt niets.’

[Einde citaat]

*

Werkgevers dachten op slinkse wijze de wet te kunnen ontduiken door te speculeren op het overlijden van de werknemer. Daarvoor heeft de rechtbank nu een stokje gestoken. Werknemers kunnen nu een beroep doen op de jurisprudentie. Het valt echter niet uit te sluiten dat er nog een werkgever komt die deze handelswijze tot aan de Hoge Raad gaat uitprocederen. Of dat een kans van slagen heeft zal dan bezien worden.

Gelukkig heb ik de afgelopen jaren arbeidsmediations, die tot een exitprocedure hebben geleid, kunnen doen, waarin conform de bedoeling van de wet tot overeenstemming werd gekomen.

*

Copyright©️oncies 2019

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

10 jaar (CONCIES) kindgesprekken

In mijn praktijk van mediator en relatietherapeut voer ik al bijna 10 jaar kindgesprekken. Aanvankelijk deed ik dat niet. Tegenwoordig bij iedere scheidingsmediation en met enige regelmaat tijdens een relatietherapietraject. Bij mediation gaat het er dan om om met de kinderen te praten over hun belangen, niet dat ik dat letterlijk zo aan de orde stel, ik wil van hen weten hoe zij in het leven staan. Bij relatietherapie wil ik meestal weten wat de relatieproblemen van de ouders doen met hun kinderen. De gesprekken leveren altijd een bijdrage in het proces. Met name bij ouders die totaal niet in de gaten hebben wat zij in hun gezin te weeg brengen. Ik zal van beide enkele voorbeelden geven.

*

Om te beginnen is het goed als ik eerst uitleg hoe kinderen betrokken zijn bij de scheiding van hun ouders.

Ouders dienen een ouderschapsplan op te stellen. Veel juristen en mediators verwerken een aantal afspraken, in het kader van het ouderschapsplan, in het convenant. Dat doe ik niet. Al is het maar om de kinderen hun eigen podium te geven in de scheidingsprocedure. Alles draait al om de ouders. Zij dienen allerlei zakelijke regelingen te treffen en om daar dan tussen weggepropt te worden….

Bovendien gaat het in het ouderschapsplan juist om waarvoor het is bedoeld: de kinderen. Zij staan hierin centraal en het zijn hun belangen waarom het gaat. Niet wat mama of papa voor zichzelf wil. Nee, het gaat in het ouderschapsplan om wat goed is in het belang van de kinderen. En dat zijn harde noten, althans bij mij in mediations, die de ouders dienen te kraken. En dat werkt wel en bovendien draagt het bij in het ontwikkelen van het gezamenlijke ouderschap na de scheiding.

In een scheidingsprocedure toetst de rechter of, en in welke mate, de kinderen betrokken zijn geweest bij het opstellen van het ouderschapsplan. Kinderen vanaf de leeftijd van 12 jaar dienen te worden gehoord en de ouders dienen serieus rekening met hun wensen te houden. De rechter toetst dit door met deze kinderen een gesprek te voeren. Doorgaans delegeert hij dit naar de Raad voor de Kinderbescherming of Jeugdzorg. Sommige rechter spreken ook met jongere kinderen. Ik kan dit belastende traject voor de kinderen voorkomen met het kindgesprek en een brief aan de rechter van elk kind waarin het verklaart op welke wijze zij betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van het ouderschapsplan. Zo nodig begeleid en ondersteun ik de kinderen hierbij, zonder inhoudelijk te bepalen wat zij schrijven. En dat werkt prima.

Zelf voer ik gesprekken met kinderen vanaf een jaar of zes. Dat zijn geen zware gesprekken, maar hele luchtige en vrolijke gesprekken. De kinderen dansen, bij wijze van spreken, op tafel. Lachen veel en mogen alles zeggen. Het gesprek met hen is net zo vertrouwelijk als de gesprekken die ik met hun ouders voer. En dat gaat goed. De kinderen vertellen alles. En in hun gedrag kan ik dan meer observeren en waarnemen. Ik neem deze informatie mee naar de gesprekken die ik daarna voer met de ouders, in het kader van het ouderschapsplan. Niet dat ik daar met hen praat over wat de kinderen mij hebben verteld of laten zien. Nee, ik kijk toe of de ouders weten wat er bij hun kinderen leeft en of zij rekening houden met hun wensen en belangen. Het gaat immers om hun.

*

Een van mijn eerste kindgesprekken voerde ik met twee pubers. Een tweeling, een jongen en een meid. Hun ouders leefden al zolang zij zich konden herinneren in onmin met elkaar. En dat was ook niet zo vreemd, want tijdens hun huwelijksreis hadden ze beiden al spijt van de huwelijkse relatie die zij met elkaar waren aangegaan; zo’n 20 jaar geleden. De kinderen waren gewend aan de affectieloze relatie tussen hun ouders.

Tijdens het gesprek kwam een ding toch wel heel sterk naar voren: de kinderen waren even affectieloos naar hun ouders én naar elkaar. De vreugde uit hun leven haalden zij uit hun vriendschappen buiten de deur en hun fanatisme in sporten of gamen. Voor de rest waren hun ouders alleen maar goed voor de verre vakantiereizen, de grootte van hun slaapkamers en de materiële voorzieningen. Wat hun ouders verder deden interesseerde hen niet. Ze vonden het prima als hun ouders zouden scheiden, zolang ze er maar voor zorgden dat hun slaapkamers ten minste even groot zouden blijven en hun zomervakantiereizen niet korter zouden worden dan de gebruikelijke 6 weken (in Azië).

En daar richtten hun ouders zich ook op. In het ouderschapsplan werden hierover exact die afspraken gemaakt. Over andere aspecten wilden zij het niet hebben, waarop ik de kinderen meer in het proces liet betrekken. Ik gaf de ouders een aantal gespreksonderwerpen mee. Daarover dienden zij gesprekken te voeren met hun kinderen. Het resultaat was dat er verbinding ontstond tussen de kinderen en hun ouders. Dat het eisenpakket van de kinderen van tafel ging en dat er overlegd werd hoe de beide ouders hun opvoedings- en zorgtaken zouden gaan uitvoeren, ten behoeve van de kinderen. De kinderen werden weer hun kinderen.

*

Een tweede voorbeeld betreft een scheiding tussen twee ouders, waarvan een van de ouders een relatie aangegaan was met een bekende van de familie. Ik voerde toen een gesprek met de drie zonen, in de leeftijd van 14 tot 19 jaar.

Voor thuiswonende kinderen, boven de 18 jaar, hoeft er geen ouderschapsplan te worden opgesteld. Deze kinderen zijn volwassen voor de wet en mogen zelf bepalen wat er voor hen dient te worden geregeld. De ouders dienen hiernaar te luisteren. Dat er vaak wel regelingen en afspraken in het ouderschapsplan worden opgenomen, heeft dan te maken met huisregels die voor iedereen gelden. Soms komt een jong-volwassen kind zelf met het verzoek om tot afspraken in het ouderschapsplan te komen.

Bij deze jongens kwam er maar één ding naar voren: hun haatgevoelens naar de ouder die een ander had gevonden. Het liefst zouden zij deze ouder de deur uittrappen. Dat deze ouder de andere ouder zoveel leed had aangedaan, dat konden zij niet begrijpen of verteren. Ik besteedde hier veel aandacht aan en ontdekte dat zij al heel lang geen intimiteiten meer hadden gedeeld met hun ouders. Alledrie de jongens leefden hun eigen leven en hadden weinig met thuis. Ze hadden ook geen thuis meer. En oh, wat wilden ze graag eens met papa en mama praten. Niet alleen over de scheiding, ook over hoe het met hun was.

En dat gebeurde ook. In een heel emotioneel gesprek werden verdriet, boosheid, liefde en het gebrek daaraan besproken. Gevoelens vlogen heen en weer. Van intense kwaadheid tot ultiem gelach van geluk. Het resultaat was nog verbluffender. De kinderen begrepen de stap van de ouder die weg wilde. Er ontstond een nieuwe situatie. Een situatie waarin de verbondenheid herstelde. Dit gebeurde 8 jaar geleden en de ouders zijn nog altijd bij elkaar.

Om eerlijk te zijn: deze zag ik niet aankomen.

*

In een derde situatie ontwikkelde zich, na het kindgesprek, iets compleet anders. De moeder had mij gevraagd het echtpaar bij te staan in een echtscheiding. Bij aanvang bleek dat beide ouders nog heel erg veel van elkaar hielden, maar dat er irritaties en ergernissen waren ontstaan over wederzijds gedrag. Op mijn voorstel om dan niet meteen te gaan scheiden, maar eerst in relatietherapie te gaan, werd gretig ingegaan. Na een aantal sessies werd alsnog de scheidingsmediation in gang gezet.

Met hun drie kinderen (tussen de 5 en 12 jaar oud) voerde ik een gesprek. De kinderen begrepen er niets meer van. Eerst scheiden, toen weer niet en nu weer wel. Ze wilden helemaal niet dat mama of papa het huis uit zou gaan. Ze vonden het vreselijk dat papa nu bij een oom en tante logeerde.

De ouders besloten om het huis aan te houden en de kinderen daar te laten blijven wonen. In het huis troffen zij maatregelen ten behoeve van hun eigen privacy. Er werden duidelijke afspraken gemaakt en een structuur opgezet voor co-ouderschap. Alles kwam keurig op papier te staan.

Toen ik belde voor het maken van een afspraak om de stukken te ondertekenen, vertelde de man mij dat de kinderen hadden gevraagd of “we nog één keer met z’n allen op vakantie konden gaan“? De ouders vonden dat een goed idee en aldus geschiedde. Hoeveel beter konden zij het afronden met hun kinderen. Ze vertrokken voor drie weken naar Italië en daarna zou er een afspraak worden gemaakt voor het ondertekenen. Van die afspraak is het nooit meer gekomen. Het echtpaar had de geleerde vaardigheden en inzichten uit de relatietherapie mee op vakantie genomen en hierop veel feed-back gekregen van hun kinderen. Dit had ertoe geleid dat zij hun geluk weer terugvonden. En ze zijn, ruim 5 jaar later, nog steeds bij elkaar.

Waartoe de invloed van de kinderen wel niet kan leiden.

*

De laatste twee voorbeelden haal ik uit een mediation en een relatietherapie. Want in beide voorbeelden zag ik dat de kinderen zwaar te lijden hadden onder het gedrag van hun ouders. In de mediation leefden de ouders al apart en vochten zij met elkaar in de aanwezigheid van hun kind. Echt fysiek geweld, ook op straat en soms zelf letterlijk om het kind. Waarbij de ene ouder het kind uit de armen rukte van de andere. Niet alleen beschamend vanwege het feit dat het midden in de route van de avondvierdaagse gebeurde. Zeer traumatisch voor het kind dat ten overstaan van alle meelopende kinderen van de school dit onderging. Tijdens het kindgesprek kwam niet alleen het verdriet en de angst naar boven. Ook werd duidelijk dat het kind in regressie verkeerde en weer was gaan bedplassen. Hij was toen zes jaar oud.

In het voorbeeld van de relatietherapie gebeurde het dat de ouders steeds weer ruzie maakten waar de kinderen bij aanwezig waren. Waarbij de kinderen aan veel vocaal geweld werden blootgesteld. Ook werden bedreigingen uitgesproken, beschuldigingen van vreemdgaan geuit en gedreigd met een scheiding. Uit het kindgesprek kwam naar voren dat de kinderen volledig in een spagaat zaten. Zij waren de munitie van de vuurgevechten tussen de ouders geworden en deden er alles aan om de vrede in huis te bewaren. Hierdoor waren zij zich verantwoordelijk gaan voelen voor alles wat er tussen hun ouders gebeurde. Ze waren zeer getraumatiseerd door het gedrag van hun ouders, mede doordat zij permanent onder de druk en spanning van hun ouders leefden en voortdurend in angst leefden dat hun ouders, door hen, zouden gaan scheiden.

In beide casussen heb ik melding gedaan bij het meldpunt kindermishandeling. Er zijn meteen stappen ondernomen. De kinderen hoefden niet uit huis geplaatst te worden. Door de afstemming tussen mij en jeugdzorg is er veel veranderd. De gescheiden ouders hebben een goede omgangsregeling getroffen en aan hun onderlinge relatie gewerkt ten behoeve van het ouderschap. De ouders die in relatietherapie zaten zijn nog steeds in therapie, maar wonen tijdelijk apart om de druk en de spanning in huis te voorkomen. Dit proces verloopt nog moeizaam. Maar, er zit vooruitgang in. Jeugdzorg monitort het gezin en houdt zich nog op afstand.

*

Kindgesprekken, ze zijn de spiegels die voor de ouders ontstaan. Een kind dat na 5 jaar weer een knuffel kreeg van haar ouders zei het zo treffend: “Het leek wel alsof ze vergeten waren waardoor ze ons hebben gekregen. Ze moeten toch ooit van elkaar hebben gehouden en met elkaar de keuze hebben gemaakt om ons te krijgen. Kinderen zijn geen auto’s die je aanschaft voor de fun.”

Voor meer informatie, kijk op http://www.concies.nl. Daar vindt u mijn telefoonnummer en emailadressen.

*

Copyright©️oncies 2019

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen