Soms blijkt scheiden echt onmogelijk (ECLI:NL:GHSHE:2014:1239)

Voor het Gerechtshof in ’s Hertogenbosch diende enige tijd geleden een hoger beroep aangaande een echtscheiding.
Aanleiding was de ‘handhaving van de huwelijkse verhoudingen nadat het huwelijk was ontbonden’, terwijl duurzame ontwrichting was aangevoerd om het huwelijk te ontbinden.
De kwestie kreeg een andere wending.
Hieronder, in samenvatting, het verslag van het verloop van het proces bij de rechtbank, en de beslissing.

Boek 1. Personen- en familierecht

Titel 9
. Ontbinding van het huwelijk

Afdeling 2
. Echtscheiding Artikel 151 Echtscheiding wordt op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken, indien het huwelijk duurzaam ontwricht is.

GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht

Uitspraak: 1 mei 2014

Zaaknummer
: HV 200.132.503/01

Zaaknummer eerste aanleg
: 253252 / FA RK 12-3998

INZAKE:
Artikel 1:151 BW: van de vrouw: duurzame ontwrichting; de vrouw heeft haar stelling dat er sprake is van duurzame ontwrichting onvoldoende aannemelijk gemaakt; partijen wonen nog steeds samen en de man neemt de volledige verzorging van de vrouw voor zijn rekening; de vrouw heeft verklaard dat zij deze situatie na de echtscheiding ongewijzigd wenst te handhaven.

1
Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst naar de beschikking van de rechtbank Breda van 27 december 2012.

2
Het geding in hoger beroep

2.1.
Bij beroepschrift met producties, ingekomen ter griffie op 26 augustus 2013, heeft de man verzocht voormelde beschikking te vernietigen en, opnieuw rechtdoende, de vrouw in haar verzoeken niet-ontvankelijk te verklaren, althans die verzoeken aan haar als ongegrond en onbewezen te ontzeggen.

2.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 25 maart 2014. Bij die gelegenheid zijn gehoord.

(…)

3
De beoordeling

3.1.
Partijen zijn op 18 oktober 1974 met elkaar gehuwd.

3.2.
Bij de bestreden beschikking heeft de rechtbank tussen partijen de echtscheiding uitgesproken.

Bij deze beschikking heeft de rechtbank voorts – uitvoerbaar bij voorraad – bepaald dat de man als bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw moet voldoen een bedrag van € 500,- per maand met ingang van de dag van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand, alsmede partijen bevolen over te gaan tot verdeling van hun gemeenschap ten overstaan van een notaris.

3.3.
Voormelde beschikking is op 6 juni 2013 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Bij beschikking van 19 februari 2014, zoals hersteld bij beschikking van 5 maart 2014 van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, heeft de rechtbank Haarlem de doorhaling gelast van de latere vermelding van de ingeschreven echtscheidingsuitspraak, vanwege het feit dat de echtscheidingsbeschikking ten onrechte is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

3.4.
De man kan zich met de bestreden beschikking niet verenigen en hij is hiervan in hoger beroep gekomen.

3.5.
De grief van de man richt zich tegen de overwegingen van de rechtbank met betrekking tot het uitspreken van de echtscheiding, het bepalen van een bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw, de draagkracht van de man en het bevel over te gaan tot verdeling van de gemeenschap van goederen.

Ontvankelijkheid

3.6.
Het hof overweegt dat ter zitting is gebleken dat de ontvankelijkheid van de man zijdens de vrouw niet ter discussie staat. Naar het oordeel van het hof is genoegzaam gebleken dat de man voor het eerst op 12 juni 2013 kennis heeft genomen van de echtscheidingsbeschikking, zodat de man tijdig in beroep is gekomen en derhalve ontvankelijk is in zijn beroep.

Echtscheiding

3.7.1
Ingevolge artikel 1:151 van het Burgerlijk Wetboek (BW) wordt echtscheiding op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken indien het huwelijk duurzaam is ontwricht. Blijkens de wetsgeschiedenis is een huwelijk duurzaam ontwricht indien de voortzetting van de samenleving ondraaglijk is geworden, zonder dat er uitzicht bestaat op herstel van de behoorlijke echtelijke verhoudingen.

3.7.2.
De man voert aan dat het huwelijk tussen partijen niet duurzaam is ontwricht. De samenwoning tussen partijen is nimmer verbroken. De man betwist dat hij in de echtelijke woning boven woont en de vrouw beneden. De vrouw lijdt aan een progressieve vorm van multiple sclerose en wordt 24 uur per dag door de man verzorgd. De man heeft met het oog hierop zijn baan opgegeven en ontvangt uit het persoonsgebonden budget van de vrouw een vergoeding voor de verzorging van zijn vrouw. Door haar ziekte kan de vrouw bijna niet de trap op komen en de woning is te klein om samen beneden te slapen. Dit is de reden dat de man boven slaapt en de vrouw beneden. Partijen eten wel samen. De man eet alleen veel sneller dan de vrouw en zodra de man klaar is met eten verlaat hij de tafel. Het is voor hem namelijk moeilijk om te zien hoe de vrouw, die geen gebruik wil maken van hulpmiddelen zeer moeizaam haar eten opeet. De vrouw realiseert zich onvoldoende dat de echtscheiding tot gevolg heeft dat de samenleving wordt verbroken en dat de huidige verzorgingsconstructie komt te vervallen.

3.7.3.
De vrouw voert aan dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Wanneer de vrouw haar ouders voor ogen heeft op het moment dat zij veertig jaar getrouwd waren, vormt dat voor de vrouw een dusdanig schrikbeeld, dat zij formeel niet veertig jaar getrouwd wil zijn. Het huwelijk kenmerkt zich door pieken en dalen. Partijen kunnen eigenlijk niet met en niet zonder elkaar. Partijen spreken nauwelijks met elkaar. Zij wonen weliswaar in hetzelfde huis, maar de man leeft op de bovenverdieping en de vrouw op de benedenverdieping. De vrouw heeft ter zitting duidelijk uitgesproken, dat het haar wens is, dat de situatie na de echtscheiding verder blijft zoals die nu ook is, inhoudende dat partijen blijven samenwonen en dat de verzorging die de vrouw thuis nodig heeft, volledig door de man wordt gegeven.

3.7.4.
Het hof is van oordeel dat de vrouw haar stelling dat sprake is van duurzame ontwrichting van het huwelijk onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Haar argument, dat zij niet – zoals haar ouders – formeel veertig jaar getrouwd wenst te zijn, maakt niet dat sprake is van duurzame ontwrichting in haar eigen huwelijk. De vrouw voert verder weliswaar aan dat het huwelijk zich kenmerkt door pieken en dalen, maar stelt tevens dat partijen niet met en niet zonder elkaar kunnen. Daar komt bij dat partijen nog steeds samenwonen, dat de man nog altijd de noodzakelijke verzorging van de vrouw in de thuissituatie volledig – zonder externe hulp – voor zijn rekening neemt en dat de vrouw naar voren heeft gebracht dat zij de huidige situatie, waarin partijen samenwonen en de man de verzorging van de vrouw op zich neemt, na de echtscheiding ongewijzigd wenst te handhaven, waarmee zij in feite de door haar gestelde argumenten ondergraaft.
De vrouw voert wel aan dat partijen in de woning feitelijk gescheiden leven en dat zij niet met elkaar commu
niceren, maar dit wordt gemotiveerd door de man betwist.

(…)

De beslissing


Het hof:
vernietigt de beschikking van de rechtbank Breda van 27 december 2012;
wijst alsnog af het inleidend verzoek van de vrouw.

(Bron: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 2 mei 2014)


  • Mijn kanttekeningen:

Uit bovenstaande uitspraak kan worden opgemaakt dat een ontbinding van het huwelijk nietig kan worden verklaard op genoemde gronden. Met name Artikel 1:151 BW is hierin van doorslaggevende aard.

Had de vrouw, bij mij, in een echtscheidingsmediation gezeten, dan was het nooit zover gekomen. Als de vrouw tijdens de mediation haar bedoelingen al kenbaar had gemaakt, zijnde haar wensen ‘ongewijzigde situatie na de echtscheiding’, dan was dit wetsartikel ter sprake gekomen.
Ik vraag mij dan ook oprecht af wie zich heeft gebogen over het echtscheidingsverzoek van de vrouw, waarbij het aannemelijk is dat deze persoon niet op de hoogte moet zijn geweest van de bedoelingen van de vrouw betreffende de ongewijzigde situatie na de echtscheiding.

Voor zowel advocaten als mediators is deze uitspraak een aandachtspunt inzake informed content (i.c. dwingend recht inzake het handhaven van de huwelijkse relatie wanneer er geen sprake is van duurzame ontwrichting).
Immers, blijkens de wetsgeschiedenis is een huwelijk duurzaam ontwricht indien de voortzetting van de samenleving ondraaglijk is geworden, zonder dat er uitzicht bestaat op herstel van de behoorlijke echtelijke verhoudingen.

In deze casus is hiervan geen sprake. De echtelijke verhoudingen duurden voort na de beslissing tot ontbinding.
Copyright©oncies 2014/2016

Over CONCIES | mediation | relatietherapie | onderwijsdiensten

Toen ik de overstap maakte van het onderwijs (MBO/HBO/Master) naar mediation, keerde ik terug naar mijn roots, mijn persoonlijke ‘zijn’, in het werk dat bij mij hoort. Ik ben een mens die mediation van nature in zich heeft en geen gebruik maakt van aangeleerde trucjes of gedragingen. En als ik terugkijk op mijn leven, dan heb ik ook altijd wel die rol vervuld. Natuurlijk kan ook ik goed ruzie maken. En ook daarbij ben ik altijd op zoek naar een oplossing die voor de ander en mij het beste is. Tijdens mijn werk als mediator ben ik, als vanzelf, steeds vaker ook relatietherapieën gaan doen. Dat doe ik de laatste jaren zelfs meer dan mediation (gemiddeld 35 per jaar). En alle mensen, nou ja alle, laat ik zeggen: ruim 99,5% van mijn cliënten is enthousiast en 97,5% is zeer tevreden over mijn werk voor hen. En daar gaat het uiteindelijk om. Ik ben een MfN-Registermediator, was een rechtbankmediator, en werkte op basis van toevoeging (vaak op verzoek van het Juridisch Loket). Maar de baten dekten niet langer de kosten. Tja, en ook mijn brood smaakt beter met een laagje boter en beleg. Vanuit mijn psychologie- (HBO) en psychiatrie-achtergrond (werkervaring en langdurig les geven), ben ik breed inzetbaar en deskundig op het gebied van de DSM-5 (o.a. autisme, ADHD, ADD, PDD-NOS, persoonlijkheidsstoornissen). Bovendien heb ik post-HBO neurologie gestudeerd. Ik heb de Master Mediation afgerond en ben in de volgende werkvelden van mediation werkzaam/gespecialiseerd: > FAMILIEMEDIATOR (MfN) > ARBEIDSMEDIATOR (MfN) Kortom, u kunt mij benaderen voor de volgende mediations: - FAMILIE/SCHEIDING - ARBEIDGERELATEERDE ZAKEN - GEZONDHEIDGERELATEERDE ZAKEN - JEUGDZORG - ONDERWIJS - EXPAT Naast als mediator ben ik ook werkzaam als relatietherapeut. Als relatietherapeut help ik stellen hun relatie te herstellen of helder te krijgen hoe de toekomst van hun relatie er uit ziet. Daarbij maak ik gebruik van onder meer Transactionele Analyse, systeemtherapie, gedragstherapie en mijn deskundigheid op het gebied van de DSM-5, de anatomie/fysiologie, pathologie, psychiatrie, psychologie en sociologie. Ik heb er niet voor niets jarenlang les in gegeven. Met enige regelmaat draag ik, als deskundige op het gebied van mediation en relatietherapie, bij aan radioprogramma's van BNR-nieuwsradio en (sinds 2016) RTVNH. Erg leuk om te doen. Goede voorlichting kan nooit kwaad. Nieuwsgierig naar meer informatie? Ga dan naar mijn website: www.concies.nl Mijn levensmotto: Wat niet gezegd wordt, bestaat niet.
Dit bericht werd geplaatst in Alledaags, Belangen, Bemiddeling, conflict, convenant, echtscheiding, gezondheidszorg, Juridisch, Mediation, Onderhandelingen, Principieel onderhandelen, Relatiebemiddeling, scheiding, Spraakmakend, Thuiszorg, Uncategorized, vechtscheiding, zorg en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Soms blijkt scheiden echt onmogelijk (ECLI:NL:GHSHE:2014:1239)

  1. hilde2016 zegt:

    Het is inderdaad heel bizar dat een koppel in onderling overleg uit elkaar gaat en dat daar dan beroep tegen aangetekend wordt. Helemaal eens met het feit dat een goede mediation hier een heleboel ellende had kunnen voorkomen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s