Privatisering terugdraaien?

Al jaren pleit ik voor een betere aanpak van de steeds verder oplopende kosten in de gezondheidszorg. En twee van mijn speerpunten en overtuigingen met betrekking tot de broodnodige aanpak van dit onderwerp zijn: OORMERK DE BUDGETTEN VOOR DE ZORG (en het onderwijs) of DRAAI DE PRIVATISERING IN DE GEZONDHEIDSZORG TERUG. En dat dit geen onzinnige gedachten zijn bewezen de IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland en het MC Slotervaart in Amsterdam eind oktober. Maar liefst 4 ziekenhuizen konden toen hun deuren sluiten, omdat ze failliet gingen en er geen reddingsplan voor handen was.

En eigenlijk vond ik het maar goed ook.

*

BEGIN CITAAT

Marktwerking in de zorg?

Enzo van Steenbergen schreef in die week op nrc.nl:

Minister: wij redden geen ziekenhuizen

“Met het faillissement van twee ziekenhuizen laaide deze week de discussie op over marktwerking in de zorg. Minister Bruins is duidelijk: hij wil niets veranderen aan het systeem.

Het is vervelend, maar dat ziekenhuizen failliet kunnen gaan hoort er nu eenmaal bij. Die boodschap gaf minister Bruno Bruins (VVD, Medische Zorg) vrijdagmiddag in zijn eerste publieke reactie op het faillissement deze week van de IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland en het MC Slotervaart in Amsterdam. 

Ziekenhuizen die op omvallen staan, hoeven niet te rekenen op geld uit Den Haag. Bruins: „We zijn niet de bank.” En: „Het gaat ons niet om het bewaken van een stapel stenen.”

Bruins zei tijdens het persgesprek dat hij had overwogen om naar één van de ziekenhuizen af te reizen om zijn medeleven te betuigen, maar zag daar vanaf. „Ik zou alleen maar in de weg lopen, terwijl ik me hier nuttig kan maken”, zei hij. 

De afgelopen week formeerde het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een „crisisstaf” van ambtenaren, toezichthouder de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Zij houden de verhuizing van patiënten naar andere ziekenhuizen en de „continuïteit” van zorg in de gaten. Er is voortdurend contact met de curatoren. Toen donderdag bleek dat de medisch specialisten hun aansprakelijkheidsverzekering in één klap kwijt waren, beloofde het ministerie garant te staan. Het gaat vermoedelijk om enkele miljoenen euro’s.

• Stresstest voor het systeem

Wat zulke praktische problemen betreft, zijn de faillissementen volgens Bruins een „stresstest” voor het systeem, waarin zorgverzekeraars verantwoordelijk zijn voor de financiering van ziekenhuizen. Dat is zo sinds in 2006 de marktwerking in de zorg werd ingevoerd. Wanneer – zoals bij de IJsselmeerziekenhuizen en het MC Slotervaart – de financiering spaak loopt, kan een ziekenhuis omvallen. Deze week bleek hoe dat eruit ziet: een ad-hoc verhuizing van zieke patiënten (sinds woensdagochtend ongeveer 70 in het Slotervaart en 90 in de IJsselmeerziekenhuizen) en het dreigende ontslag van honderden artsen en verpleegkundigen.

Het leidde tot grote verontwaardiging. Bij het Slotervaartziekenhuis kregen medewerkers die ontslag wacht van de SP flyers in handen gedrukt voor een ‘Nationaal Zorgfonds’, een idee waarbij zorgverzekeraars afgeschaft zouden worden en gezondheidszorg weer publiek gefinancierd. Tweede Kamerlid Fleur Agema (PVV) riep op de ziekenhuizen open te houden en wil een parlementair onderzoek naar het zorgsysteem. Vermoedelijk debatteert de Tweede Kamer volgende week over de faillissementen.

• Geen stelselverandering

Minister Bruins wil in ieder geval niets weten van een grote stelselverandering. Hij wees erop dat zorgverzekeraars de plicht hebben goede zorg voor patiënten te garanderen. Patiënten moeten binnen 45 minuten in een ziekenhuis kunnen komen. Er zijn 23 ‘gevoelige’ ziekenhuizen (van de ruim 90) waarbij sluiting van de spoedeisende hulp of acute verloskunde dat in gevaar kan brengen. Mochten die afdelingen dreigen te sluiten, dan kunnen ze financiële steun krijgen van de NZa.

Maar andere ziekenhuizen die financieel ten onder dreigen te gaan – accountant BDO meldde onlangs dat naast de IJsselmeerziekenhuizen en Slotervaart nog twaalf ziekenhuizen financiële problemen kennen – hoeven niet op de minister te rekenen: „Daar zijn we heel terughoudend mee. Ik sta achter dit systeem en geloof erin.”

EINDE CITAAT

*

In 2006 werd de gezondheidszorg geprivatiseerd. De basisgedachten achter deze beleidswijziging was dat:

  1. Privatisering zorgt ervoor dat de kosten van de zorg voor de overheid omlaag gaan.
  2. Privatisering zorgt ervoor dat iedereen toegang krijgt tot hoogwaardige zorg.
  3. Privatisering zorgt ervoor dat er meer efficiëntie en kwaliteit komt in het zorgaanbod.
  4. Privatisering zorgt voor meer transparantie.
  5. Privatisering zorgt ervoor dat er meer gezondheidszorgpersoneel is en dat er betere arbeidsomstandigheden zijn.

En laten we eerlijk zijn. Van al deze prachtige gedachten is niets terecht gekomen.

  1. De kosten van de gezondheidszorg rijzen de pan uit.
  2. De toegankelijkheid van de gezondheidszorg brokkelt steeds verder af; al was het maar door de constante stijging van de kosten voor medicijnen.
  3. Tot de grootste klachten van mensen die in de gezondheidszorg werken behoort de toename van de bureaucratie (het papierwerk) dat ten koste gaat van de tijd waarin zorg kan worden verleend.
  4. Transparantie? What the fuck is dat? De zorgverzekeraars plegen achterkamertjespolitiek en handjeklap met de zorginstellingen om hun winsten veilig te stellen en elk jaar te vergroten.
  5. Hoezo meer personeel en betere arbeidsomstandigheden? Het gebrek aan personeel heeft de IJsselmeerziekenhuizen en het MC Slotervaart heeft de ziekenhuizen de das om gedaan. En dat tekort is een aantoonbaar gevolg van de slechte arbeidsomstandigheden, waardoor het personeel massaal ontslag neemt en via een U-constructie terugkeert als ZZPer.

*

Nog voordat de privatisering werd ingevoerd waarschuwde ik al voor de negatieve gevolgen. Ik was eerder al betrokken bij een stelselherziening binnen een gezondheidszorgorganisatie, waarin een structureel ander financieringssysteem werd ingevoerd om tot grotere efficiëntie te komen en om een kostenbeheersing af te dwingen. Aanvankelijk leek het systeem te werken, maar na een paar jaar kwam de klad er in. Niet door het falende systeem, maar door het externe financieringssysteem: Als een zorginstelling het jaarbudget niet volledig gebruikt, dan wordt het restant van de revenue van het voorgaande jaar in mindering gebracht op het volgende jaar, dus een kleiner budget. En daarmee zorgde een succesvol intern financieringssysteem voot de eigen teloorgang.

Maar hiervoor heb ik niet gepleit. Heel wat keer sprong de overheid bij om tekorten in de zorg aan te vullen. Honderden miljoenen werden extra geïnvesteerd, vooral om meer ‘handen aan het bed’ te krijgen. Maar daar kwam slechts een klein deel van dit geld terecht. Het extra geld werd ingezet op andere kostenposten (waaronder de salarissen van de managers). Ik pleitte voor het oormerken van de extra gelden. Maar dat is nooit gebeurd.

Ondertussen lopen de winsten van de verzekeringsmaatschappijen, die de luceatieve zorgverzekeringen leveren, op tot boven het miljard per jaar. En dat pleit ervoor om de gezondheidszorg (en ook het onderwijs overigens, want dat vertoont hetzelfde patroon) te deprivatiseren.

  • De burger betaalt weer een zorgpremie aan de overheid en die zorgt er weer voor dat al dit geld in de zorg wordt geïnvesteerd.
  • De controle op de uitgaven zal tot meer efficiëntie leiden, in plaats van een hogere winstuitkering voor de aandeelhouders.
  • De investeringen kunnen worden gedaan in het verhogen van de salarissen van de verpleegkundigen, verzorgenden en verpleeghulpen.
  • De gedelegeerde taken van de artsen gaan weer terug naar de artsen of worden gekort op hun inkomen en de vergoedingen worden toegevoegd aan de inkomens van de verpleegkundig specialisten die deze taken hebben overgenomen.
  • Alle budgetten worden geoormerkt en in een intern financieringssysteem verantwoord.
  • Managers mogen geen salarissen meer ontvangen die groter zijn dat de Balkenendenorm.

*

Dit zijn slechts enkele voorbeelden, maar er zijn er nog veel meer (kosten administratieve werkzaamheden op de verpleegafdeling, de pharmacie en de vergoedingen voor ondersteunende diensten heb ik buiten deze beschouwing gelaten).

*

Copyright©️oncies 2018

Over CONCIES | mediation | relatietherapie | onderwijsdiensten

Toen ik de overstap maakte van het onderwijs (MBO/HBO/Master) naar mediation, keerde ik terug naar mijn roots, mijn persoonlijke ‘zijn’, in het werk dat bij mij hoort. Ik ben een mens die mediation van nature in zich heeft en geen gebruik maakt van aangeleerde trucjes of gedragingen. En als ik terugkijk op mijn leven, dan heb ik ook altijd wel die rol vervuld. Natuurlijk kan ook ik goed ruzie maken. En ook daarbij ben ik altijd op zoek naar een oplossing die voor de ander en mij het beste is. Tijdens mijn werk als mediator ben ik, als vanzelf, steeds vaker ook relatietherapieën gaan doen. Dat doe ik de laatste jaren zelfs meer dan mediation (gemiddeld 35 per jaar). En alle mensen, nou ja alle, laat ik zeggen: ruim 99,5% van mijn cliënten is enthousiast en 97,5% is zeer tevreden over mijn werk voor hen. En daar gaat het uiteindelijk om. Ik ben een MfN-Registermediator, was een rechtbankmediator, en werkte op basis van toevoeging (vaak op verzoek van het Juridisch Loket). Maar de baten dekten niet langer de kosten. Tja, en ook mijn brood smaakt beter met een laagje boter en beleg. Vanuit mijn psychologie- (HBO) en psychiatrie-achtergrond (werkervaring en langdurig les geven), ben ik breed inzetbaar en deskundig op het gebied van de DSM-5 (o.a. autisme, ADHD, ADD, PDD-NOS, persoonlijkheidsstoornissen). Bovendien heb ik post-HBO neurologie gestudeerd. Ik heb de Master Mediation afgerond en ben in de volgende werkvelden van mediation werkzaam/gespecialiseerd: > FAMILIEMEDIATOR (MfN) > ARBEIDSMEDIATOR (MfN) Kortom, u kunt mij benaderen voor de volgende mediations: - FAMILIE/SCHEIDING - ARBEIDGERELATEERDE ZAKEN - GEZONDHEIDGERELATEERDE ZAKEN - JEUGDZORG - ONDERWIJS - EXPAT Naast als mediator ben ik ook werkzaam als relatietherapeut. Als relatietherapeut help ik stellen hun relatie te herstellen of helder te krijgen hoe de toekomst van hun relatie er uit ziet. Daarbij maak ik gebruik van onder meer Transactionele Analyse, systeemtherapie, gedragstherapie en mijn deskundigheid op het gebied van de DSM-5, de anatomie/fysiologie, pathologie, psychiatrie, psychologie en sociologie. Ik heb er niet voor niets jarenlang les in gegeven. Met enige regelmaat draag ik, als deskundige op het gebied van mediation en relatietherapie, bij aan radioprogramma's van BNR-nieuwsradio en (sinds 2016) RTVNH. Erg leuk om te doen. Goede voorlichting kan nooit kwaad. Nieuwsgierig naar meer informatie? Ga dan naar mijn website: www.concies.nl Mijn levensmotto: Wat niet gezegd wordt, bestaat niet.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s